Inspraak en participatie
Het gemeentebestuur wenst de bevolking van Kaprijke nauw te betrekken bij het gemeentelijk beleid. Het stimuleren van deze betrokkenheid is gesteund op twee pijlers:
- een doorgedreven informatievoorziening via de website, het gemeentelijk
infoblad, bewonersbrieven, persmomenten, informatievergaderingen...
- het verlenen van een hoge graad van inspraak via de werking van de
adviesraden en andere vormen van inspraak die
voorzien zijn door het gemeentedecreet:
Klachtenbehandeling
Het gemeentebestuur ontwikkelde een systeem waarbij burgers met hun klachten en suggesties terecht kunnen bij een klachtencoördinator:
Communicatieambtenaar Jeroen Vanthournout
Administratief Centrum
Veld 1
9970 KAPRIJKE
tel. 09 323 90 27
communicatie@kaprijke.be
Voorstellen van burgers
Het gemeentedecreet voorziet twee mogelijkheden om als burger voorstellen voor te leggen aan de gemeenteraad. Eén daarvan is de procedure 'voorstellen van burgers'. Mits het inzamelen van de nodige handtekeningen kan een burger een agendapunt aan de gemeenteraad toevoegen. Het agendapunt mag dan door de burger, tijdens de gemeenteraad, toegelicht worden. Het verzoek om een agendapunt toe te voegen moet ondersteund worden door 2 % van de inwoners ouder dan 16 jaar.
Verzoekschriften
De tweede mogelijkheid om een agendapunt aan de gemeenteraad voor te leggen, is het systeem van verzoekschriften. Voor deze procedure hoef je geen handtekeningen te verzamelen. In principe moet de verzoeker zelfs geen inwoner van de gemeente zijn. Daar staat tegenover dat een echt debat tijdens de gemeenteraad niet gegarandeerd is. Het verzoek kan doorgespeeld worden aan het college, een gemeenteraadscommissie of gemeentedienst. De verzoekers kunnen gehoord worden door de gemeenteraad, maar is dat is absoluut geen verplichting. De gemeenteraad moet wel binnen de drie maanden een gemotiveerd antwoord verstrekken.
Gemeentelijke volksraadpleging
Referenda zijn in België niet mogelijk, maar het gemeentedecreet bepaalt wel dat een volksraadpleging mogelijk is. Het initiatief voor een volksraadpleging kan uitgaan van de gemeenteraad of van de burgers. Wanneer het initiatief van de burgers komt, moet moet ondersteund worden door minstens 20 % van de inwoners. Als de steun van de bevolking voldoende hoog is, is de gemeenteraad verplicht om een volksraadpleging te organiseren. De minimale opkomst bedraagt een zelfde aantal inwoners.
De vraag die voorgelegd wordt tijdens de raadpleging moet betrekking hebben op de bevoegdheden van de gemeenteraad of het schepencollege. Al zijn een aantal thema’s uitgesloten. Vragen van persoonlijke aard, over de begroting, de belastingen of retributies of over de toegang van vreemdelingen tot het grondgebied zijn niet toegelaten. Het exact formuleren van de voorgelegde vraag behoort tot de verantwoordelijkheid van de gemeenteraad. Elke vraag moet te beantwoorden zijn met ja of neen. Een maand voor de raadpleging verspreidt de gemeente een informatiebrochure met daarin een objectief beeld van de problematiek, de standpunten van voor- en tegenstanders en de exacte vraag zoals die tijdens de volksraadpleging zal gesteld worden.
Alle inwoners, ouder dan 16 jaar, kunnen een verzoek indienen én deelnemen aan de raadpleging. De deelname is niet verplicht, maar een minimale opkomst is vereist. Blijft de opkomst onder de minimale opkomst dan worden de stemmen niet geteld. De uitslag van de volksraadpleging is niet bindend. De gemeenteraad kan de uitslag dus naast zich neerleggen.


